De zin van jouw bestaan - NLP en non-dualiteit / Auteur Frank Janse

Gestart door Puppetji, 4 juni 2026, 18:07 u

Vorige topic - Volgende topic

0 Leden en 1 gast bekijken dit topic.

Puppetji

Fragment uit Deel 2 van het boek:

Gebruik je verstand!

Voordat ik je meeneem in het ontstaan en de ontwikkeling van jouw 'ik', ga ik eerst in op de wijze waarop jouw denken functioneert. Er zijn namelijk veel vormen van denken. Denk maar aan uitdenken, herdenken, verdenken, doordenken, overdenken, bedenken, gedenken, enzovoort. Voor de ontwikkeling van het 'ik' gebruik ik de door Ramesh S. Balsekar geïntroduceerde onderverdeling van het denken in het werkverstand en denkverstand. Het betreft één en hetzelfde verstand, het onderscheid zit hem echter in de wijze waarop het wordt ingezet.

Jouw werkverstand bevat je erfelijke aanleg en jouw conditionering. Dit werkverstand zorgt ervoor dat jij je, door jouw waarden en overtuigingen, gedraagt zoals jij je gedraagt. Je werkverstand bevat jouw 'programmering' zou je kunnen zeggen. Het bevat jouw wereldbeeld, de manier waarop je naar de wereld kijkt. Dit betekent ook dat alle nieuwe ervaringen, en wat je daarin leert, direct worden opgenomen in jouw werkverstand. Dit werkverstand verandert dus continu, doordat het nieuwe ervaringen integreert. Deze conditionering maakt jouw functioneren mogelijk. Het zorgt ervoor dat je niet elke dag opnieuw hoeft te leren hoe je uit bed stapt, of hoe je bijvoorbeeld een glas water inschenkt en opdrinkt. Veel van de handelingen die jij momenteel uitvoert verlangen geen bewuste aandacht. Al jouw vaardigheden maken deel uit van het werkverstand. Jouw werkverstand vormt zich dus al jouw hele leven. Het is noodzakelijk voor jou om te kunnen functioneren.

Het werkverstand doet wat op een bepaald moment nodig is. Het werkverstand handelt altijd in het huidige moment. Het werkverstand houdt zich niet bezig met het verleden of de toekomst. Tenzij het functioneel of noodzakelijk is, bijvoorbeeld als jouw werkverstand met iets bezig is waarbij het moet plannen. Jouw werkverstand handelt, en dat is alles wat het doet. Jouw werkverstand is het intuïtieve deel van jouw verstand. Als je volledig opgaat in het moment, als je in een 'flow' zit, dan is het werkverstand actief. Dat zijn de momenten dat je op je horloge kijkt en denkt: "O, is het al zo laat?". Het voelt dan vaak alsof de tijd voorbij is gevlogen. Tijdens de 'flow' leek de tijd echter niet te bestaan. Dit komt omdat het werkverstand altijd in het nu actief is. Er zijn dan geen gedachten over verleden of toekomst die het proces verstoren. Het werkverstand doet dan wat nodig is. Het handelt op basis van wat de situatie verlangt. Dat iets zowel positief als negatief kan worden ervaren, is niet iets waarmee het werkverstand zich bezighoudt. Het werkverstand houdt zich niet bezig met oordelen.

Het is het denkverstand dat een opkomende gedachte beoordeelt, die de opkomende gedachte positief of negatief vindt. Het is het denkverstand dat in het verleden en in de toekomst leeft. Jouw denkverstand bevat alle gedachten die jij over jezelf hebt. In tegenstelling tot het werkverstand is jouw denkverstand nooit bezig met het nu. Het denkverstand oriënteert zich altijd in het verleden of de toekomst. Verleden en toekomst bestaan overigens alleen in een gedachte die je in het nu hebt. Jouw denkverstand is dat deel van jouw denken dat zich uit in 'interne dialogen'. Het is het 'stemmetje' in jouw hoofd dat oordeelt, dat met gedachten in het verleden blijft hangen, of naar de toekomst kijkt en zich zorgen maakt. Jouw denkverstand is bezig met verlangens en vragen als "Heb ik dit wel goed gedaan?", "Wat zou er gebeuren als dit misgaat?" en "Kan ik dit wel?". Het is dat deel van jouw denken dat 'problemen' ziet en zich zorgen maakt. Terwijl jouw werkverstand simpelweg handelt, schotelt het denkverstand je allerlei verhalen voor. Het zijn verhalen waarmee je je identificeert. Deze verhalen zijn gebaseerd op herinneringen uit het verleden. Jouw denkverstand is niet creatief en komt dan ook nooit met iets nieuws... Veel van de gesprekken met jezelf ('stemmetje' in je hoofd) zijn negatief van aard. Dat komt omdat je niet accepteert 'wat is'. Iets moet altijd beter of anders. Onbewust ben je jezelf continu onderuit aan het halen. Je blijft hierdoor je beperkende overtuigingen aan jezelf bevestigen. Inspiratie en creativiteit komen dan ook niet uit het denkverstand. Jouw denkverstand reproduceert alleen maar wat al op jouw harde schijf staat (jouw geheugen). Het denkverstand put uit het verleden omdat het niet anders kan. Het projecteert zaken uit het verleden naar de toekomst. Dat het denkverstand het geheugen bevat, blijkt wel uit het feit dat mensen met geheugenverlies in staat zijn om te functioneren. Ze behouden veelal hun aangeleerde capaciteiten, die zich in het werkverstand bevinden. Het is het werkverstand dat het functioneren mogelijk maakt. Jouw potentieel is zoveel groter...

Als je altijd denkt wat je altijd al dacht, krijg je wat je altijd al kreeg. Het denkverstand kan niet anders. Denk maar aan het vorige deel waarin de invloed van jouw overtuigingen op je capaciteiten, gedrag en je omgeving werd beschreven. Terwijl jouw werkverstand er voor zorgt dat jij functioneert, zorgt het denkverstand ervoor dat jij continu ´problemen´ ervaart en niet optimaal functioneert. Het is het denkverstand dat zorgt voor irritatie en negatieve opwinding. Het denkverstand zorgt dat het werkverstand zijn 'werk' niet goed kan doen. Enig idee hoe jouw denkverstand is ontstaan? Jouw denkverstand is ontstaan tussen je tweede en derde levensjaar. Eerst ontstond in jouw prille leven het gevoel dat jouw huid je scheidde van de wereld. Zo ontstond het denkbeeld van 'binnen' en 'buiten'. Alles buiten jouw huid ervoer je als niet van jou. Dit legde de basis voor jouw gevoel van afgescheiden te zijn van de rest van de wereld. Dat je een naam kreeg versterkte dit gevoel, waardoor je in deze afgescheidenheid ging geloven. Door het ontstane gevoel van afgescheidenheid kreeg het denkverstand het idee dat het de bron was van alle gedachten, gevoelens en handelingen. Het eerste woordje dat mijn kinderen leerden lezen en schrijven op school was, niet geheel verrassend, het woordje 'ik'. Het denkverstand begon uitspraken te doen als "IK heb dat bedacht", "IK heb dat gedaan" en "IK heb dat gevoeld". Jouw denkverstand meent dat het de bron is van jouw gedachten, gevoelens en handelingen. Daardoor maakt het zich zorgen over de gevolgen van wat het meent te hebben bedacht, besloten of gedaan. Hierdoor komen angsten op: "Is dit nou wel zo'n goed idee van mij?", "Had ik dat niet anders moeten doen?", "Ik hoop maar dat het goed komt". En achteraf kan jouw denkverstand zich flink schuldig voelen en zorgen maken. Jouw denkverstand komt dan met gedachten als "Ik heb iets stoms gedaan", "Heb ik het wel goed gedaan?", "Ik hoop dat ik de juiste beslissing heb genomen". Het zorgt voor twijfel, angst, zorgen, verlangens, enzovoort.

Jouw denkverstand meent dat het de bron is van jouw denken, doen en voelen. Dit is echter niet het geval. Als het denkverstand de bron zou zijn van alle gedachten, gevoelens en handelingen, had jouw leven er vast (nog) beter uitgezien. Dan zou je nooit piekeren, omdat jij je gedachten zou kunnen kiezen. Dan had je nooit iets te klagen gehad in je leven. Dan zou jij je nooit schuldig voelen. Dan zou je niets meer te wensen hebben. Dan zou je altijd zeer tevreden zijn. Als jouw denkverstand de bepalende factor was, zou je leven anders zijn verlopen. Als jij werkelijk je gedachten zelf zou kunnen bepalen, dan was je terugkijkend op je leven waarschijnlijk tot heel andere keuzes gekomen. Dan was je nog gelukkiger geweest. En had je nog meer rust, vrijheid en liefde ervaren. Of wat jij belangrijk vindt. Maar jouw denkverstand is niet de bepalende factor. Het denkverstand is niet de bron van gedachten, gevoelens en handelingen. Ondanks het feit dat het dit graag wil zijn. Als jouw denkverstand de bron van jouw gedachten zou zijn, zou jij altijd weten wat je volgende gedachte was. Check het even als je wilt...

En? Dat weet je niet toch? Dat ben je hopelijk met mij eens. Jouw denkverstand heeft geen enkele invloed op het opkomen van jouw gedachten. Doe mij (en jezelf) nu eens een plezier en denk de hele dag eens bewust "Ik ben liefde", of welke andere gedachte je zou willen denken de hele dag. Als jouw denkverstand de bron zou zijn van deze gedachten, zou het geen enkel probleem voor je zijn deze gedachte de hele dag vol te houden zonder andere gedachten (als je dat zou willen). Doe het nu eens, en controleer voor jezelf achteraf hoe lang het duurt voordat je een andere gedachte hebt...

En? Gelukt? Hoe lang heb je het volgehouden? Heb je 24 uur zonder slaap dezelfde gedachte gehad? Ik ga er vanuit dat dit niet gelukt is. Het lukt je niet omdat jouw denkverstand geen enkele macht heeft. Als jij degene was die dacht, zou je er ook mee kunnen stoppen. In zijn boek "Eindeloos bewustzijn" schetst Pim van Lommel dat de hersenen kunnen worden vergeleken met een televisietoestel. Een televisietoestel ontvangt programma's. Deze zitten niet in de televisie, en worden ook niet door de televisie gecreëerd. Hetzelfde geldt voor gedachten in relatie tot de hersenen. Jouw gedachten zijn niet van jou...

Gedachten komen op, ze zijn niet van jouw denkverstand. Wat plaatsvindt, is dat het denkverstand zich identificeert met de gedachten die opkomen. Het werkverstand doet dat niet. Als er bijvoorbeeld gevaar dreigt, zal het werkverstand een gevaar gewaar worden. Het werkverstand projecteert geen gedachten op de situatie. Het werkverstand werkt intuïtief. Het handelt om met het gevaar om te gaan. In een noodsituatie is het werkverstand veelal aan het werk. Het denkverstand heeft dan niet eens de tijd om zich ermee te ´bemoeien´. Er wordt dan intuïtief door het werkverstand gehandeld. Daar komt geen gedachte aan te pas. Het is vervolgens het denkverstand dat ervoor zorgt dat het optimale functioneren van het werkverstand afneemt. Het denkverstand creëert daarna zorgen en angsten. Het is het 'ik' dat in gevaar is. En als het gevaar voorbij is, vraagt het denkverstand zich af wat het moet doen, om het gevaar een volgende keer te voorkomen. Het werkverstand houdt zich daar niet mee bezig. In het volgende plaatje is het verschil tussen het denkverstand en het werkverstand aangegeven.

Het denkverstand heeft een gedachte over wat er gebeurt. Het geeft betekenis aan 'dat wat is'. Het werkverstand neemt 'dat wat is' slechts waar en handelt ernaar. Jouw 'problemen' en het 'lijden' in deze wereld komen dan ook van het denkverstand. Het is jouw denkverstand dat verhalen verzint. Niet voor niets kom je tot inzichten op vakantie, op momenten van rust of wanneer je 'afstand' van iets neemt. Het werkverstand heeft stilte en rust nodig om te kunnen functioneren. En als het denkverstand zich ermee gaat bemoeien, verloopt het minder goed. Als je in een 'flow' zit en het werkverstand is actief, dan zijn er geen storende gedachten. Dan is er geen 'ik' aanwezig. Dan is het denkverstand niet aanwezig. Het kan ook ogenschijnlijk tegelijkertijd actief zijn. Terwijl je door het 'stemmetje' in je hoofd met jezelf in gesprek bent (denkverstand) kun je 'onbewust' allerlei handelingen verrichten (werkverstand). Jouw verstand kan dus op twee manieren actief zijn: als werkverstand en als denkverstand. Ik kan een auto besturen (werkverstand) en ondertussen een 'gesprek met mezelf' voeren (denkverstand).
Er is slechts eeuwig, keuzeloos Zijn zonder begin of einde. - https://rameshbalsekar.com/teachings/